Hoe schrijf je fantasy en sciencefiction?

Hoe schrijf je fantasy en sciencefiction?

Heb jij er weleens over nagedacht om fantasy of sciencefiction te gaan schrijven? Of ben je er al mee bezig? Of heb je het geprobeerd, maar lukte het niet?

Waarschijnlijk heb je dan wel wat aan het boek “Hoe schrijf je fantasy en sciencefiction?”. Dit is het eerste Nederlandstalige boek dat volledig over het schrijven van fantasy en sciencefiction gaat. Het is geschreven door Martijn Lindeboom en Debbie van der Zande en wordt uitgegeven door Atlas Contact.

Martijn en Debbie zijn redacteur van de site Hebban Fantasy. Verder is Martijn organisator geweest van de Paul Harland Prijs (nu Harland Awards), is hij voorzitter van de Stichting ter bevordering van het fantastische genre en kun je hem bij diverse evenementen tegenkomen als krijgsmeester Qu’Mar Ti-jin.

Het boek bevat veel informatie over de verschillende zaken die met het schrijven van fantasy en sciencefiction te maken hebben. Het boek gaat niet zozeer in op de technieken van het schrijven van een verhaal. Daar zijn andere boeken voor. In dit boek gaat het om 3 hoofdthema’s:

  • Wat zijn fantasy en sciencefiction voor genres en welke subgenres kun je hierin onderscheiden?
  • Hoe bouw je je fantasiewereld?
  • Hoe schrijf je je fantasy of sciencefictionverhaal?

In het eerste deel wordt vooral ingegaan op het ontstaan en de achtergrond van beide genres. Deze genres worden vervolgens uitgebreid toegelicht, inclusief de subgenres. Verder wordt er nog aandacht besteed aan boeken die in de Lage Landen zijn geschreven in deze genres. Als laatste wordt er nog ingegaan op het belang van onderzoek en ideeën opdoen, door boeken van anderen te lezen en ook films te kijken.

Het eerste deel heb ik ervaren als pittige kost, het was moeilijk er doorheen te komen. Dit komt vooral doordat in deze eerste hoofdstukken voornamelijk allerlei zaken worden opgesomd en stuk voor stuk worden benoemd. Als onderdeel in het boek is het zeker van belang, zodat je als beginnend schrijver een goed beeld krijgt van wat er al is in de wereld van fantasy en sciencefiction. Het kan je ook goed helpen om ideeën te krijgen om de setting van je eigen verhaal te bepalen.

Deel twee van het boek is het belangrijkste waar het om draait, namelijk het bouwen van je wereld. Hoe bouw je je wereld? Laat je het groeien tijdens het schrijven, of bedenk je de basisstructuur van tevoren? Welke bevolking is er op deze wereld? Welke dieren en planten zijn er? Wat voor weer is er? Wordt er magie en/of technologie gebruikt?

Dit deel vond ik het meest interessant om te lezen. Het geeft je duidelijke tips voor het bouwen van je wereld en dus ook de kapstok waar je je hele verhaal aan ophangt. Als de wereld niet klopt of niet duidelijk is, kan dit voor de lezer erg frustrerend zijn. Een verhaal dat zich niet in een of andere wereld of omgeving afspeelt, kan eigenlijk niet. Of wel?

In deel 3 word je verder bijgepraat over het daadwerkelijk schrijven van het uiteindelijke verhaal. Je hebt al een (sub-)genre en een wereld bedacht, waar nu nog het verhaal zelf juist in moet passen. Welk thema speelt er in je verhaal? Wat is het plot? Wat voor personages gebruik je in je verhaal? En welke thematiek speelt er mee? Tot slot zijn er nog wat tips om lezers het verhaal in te trekken en te boeien. Maar ook enkele clichés en valkuilen en tips om jezelf te verbeteren als schrijver.

Voor mij maakte dit deel het het boek compleet. De verschillende zaken die je nodig hebt bij het schrijven van je verhaal zijn toch het belangrijkst. Alhoewel wereld en genre natuurlijk wel de basis vormen van je verhaal.

Er zijn nog genoeg zaken die je kunt bedenken, die misschien ook in dit boek hadden kunnen staan. Maar als basis geeft dit boek een compleet beeld. Zeker een aanrader voor iedereen die wil gaan schrijven in fantasy en sciencefiction!

Tot slot hebben we nog een interview gedaan met Martijn en Debbie. Hier zijn de antwoorden op vragen die jij waarschijnlijk ook wel zult hebben:

Hoe is het idee voor het boek ontstaan?

Martijn: Sinds 2005 doe ik mee aan schrijfwedstrijden, sinds 2010 ben ik als jurylid en organisator betrokken bij de Paul Harland Prijs – inmiddels omgedoopt tot Harland Awards – en sinds 2012 geef ik regelmatig schrijfcursussen en –workshops. Sinds 2005 heb ik veel geleerd over schrijven, over de valkuilen waar beginnende schrijvers in stappen (ik zelf dus ook) en over hoe je naar verhalen kijkt als jurylid en schrijfdocent. Debbie is een zeer ervaren lezer van de fantastische genres en heeft ook veel manuscripten en inzendingen aan verhalenwedstrijden gelezen. Wat ons opviel was dat er heel veel in dezelfde valkuilen gestapt wordt in de Nederlandstalige fantastiek en dat een boek over het schrijven van sciencefiction en fantasy zou kunnen helpen om auteurs verder te helpen.

Met uitzondering van het boek Schrijven met het oerverhaal van Eisso Post – dat deels aan fantasy raakt – was er geen enkel schrijfboek over sciencefiction en fantasy in het Nederlands. Dat vonden Debbie en ik een omissie die hoognodig rechtgezet moest worden. Daarom hebben we contact gezocht met Schrijven Magazine en uitgeverij Atlas Contact, die de Schrijfbibliotheek uitgeeft.

Wat willen jullie (Martijn en Debbie) hiermee overbrengen aan fantasy/sf-schrijvend Nederland? Met andere woorden: Waarom moest dit boek er komen en/of is het een must voor de Nederlandstalige schrijvers?

Martijn en Debbie: Het boek bestaat uit drie onderdelen. Allereerst een overzicht van wat de fantastische genres inhouden en wat de historie ervan is in de wereld en in Nederland. Dat is belangrijk om een kader te bieden aan beginnende schrijvers. Wat is er al? Waar kun je inspiratie opdoen? Wat zijn goede voorbeelden? Voor Nederland was er nog niet zoiets: de staat van het veld.

Deel twee en drie gaan over het bouwen van fantastische werelden en het schrijven van fantastische verhalen. Daarin gaan we in op wat dit soort verhalen anders maakt dan ‘normale’ literatuur en wat je er allemaal mee kunt. We geven geen schrijfwetten en bedenkregels, maar proberen auteurs door te laten denken, zodat hun werelden en verhalen sterker worden. Natuurlijk noemen we wel een aantal schrijfcredo’s, maar we benadrukken ook dat als je weet wat je doet, je altijd af kunt wijken van de gebaande paden. Maar dan moet je wel weten wat er al is, wat de valkuilen, clichés en stijlproblemen zijn waar je tegenaan kunt lopen.

Is dit iets eenmaligs, of verwachten jullie nog meer in deze categorie te gaan schrijven?

Martijn: Een boek als dit kun je maar één keer schrijven: het gaat over de basis, die verandert niet echt. Maar er is natuurlijk nog veel meer te vertellen over het schrijven van fantasy en sf, dus we sluiten zeker niet uit dat er nog een boek volgt.

Debbie: En we juichen andere plannen voor nieuwe en aanvullende boeken alleen maar toe.

Waar kunnen de lezers terecht met vragen over dit boek en het schrijven van fantasy/sf?

Martijn en Debbie: Over het boek zelf kunnen ze bij de auteurs terecht, b.v. via onze website Lindeboom Concepten, of via Hebban Fantasy, waar we allebei redacteur zijn. Met vragen over het schrijven van fantasy en sf kun je altijd kijken op de website van de Harland Awards en binnenkort starten er verschillende opleidingen, zoals bij de Schrijversacademie.

Welke rol spelen de Stichting ter bevordering van het fantastische genre en Hebban hierbij?

Martijn: De Stichting ter bevordering van het fantastische genre organiseert de Harland Awards schrijfwedstrijd en werkt samen met de Schrijversacademie aan de fantasyschrijversopleiding. Hebban – en dan vooral de fantasy en sf afdeling, die door de stichting bestierd wordt – probeert alle Nederlandstalige en vertaalde fantastische fictie onder de aandacht te brengen.

Er wordt naar diverse boeken, films en andere zaken verwezen voor "research". Is het dan handig om de Nederlandstalige versie hiervan te nemen, of kun je het beter in de originele taal lezen/bekijken?

Martijn: Dat hangt helemaal af van de eigen voorkeur. Het boek gaat niet zo zeer over de basis van het schrijven (stijl, woordkeus, dialoog et cetera), maar om de specifiek fantastische aspecten. Natuurlijk is het wel verstandig om regelmatig oorspronkelijk Nederlandstalige verhalen en boeken te lezen, om te zien hoe het gepubliceerde auteurs uit het eigen taalgebied vergaat.

Debbie: In de Nederlandse taal lezen is wel onontbeerlijk voor een Nederlandse auteur. Om andermans zinnen te lezen, te ontdekken wat kan en wat jij mooi vindt. Fantasy en sf wordt in Nederland veel in het Engels gelezen en het fopt een beginnende schrijver ook wel eens in denken dat er ook in het Engels geschreven kan worden. Maar dat is zelden (lees: nooit) een goed plan. Vrijwel niemand kan zo goed Engels dat er mooi proza uit voortkomt, uitzonderingen daargelaten en dat zijn dan vrijwel altijd de tweetalig opgevoeden.

Wat is de invloed van games en comics op het schrijven van fantasy/sf?

Martijn: Dat verschilt per auteur denk ik. Het lezen van comics en het spelen van games – net als het kijken van films en tv-series – kan een prima basis zijn voor inspiratie. Echter, als je dat als auteur niet aanvult met het lezen van boeken, dan mis je een belangrijke bron voor het schrijverschap: woorden in plaats van beelden.

Debbie: Een schrijver die vanuit andere disciplines of inspiraties schrijft, kun je er soms wel tussenuit pikken. Dan is een verhaal toch te actiegericht, valt bijvoorbeeld de spanning tussen ‘levels’ weg of is vanaf de eerste bladzijde het hele plot eigenlijk al wel te doorzien.

Heb je ook weleens gedacht aan boeken die worden geschreven met rollenspellen als uitgangspunt? Zo zijn de meeste verhalen van Raymond E. Feist ontstaan uit de Dungeons & Dragons campagne met z'n vrienden.

De boeken van Steven Erikson en Ian Esselmont zijn ook gebaseerd op een (door henzelf bedacht) rollenspel en sommige boeken van Weiss en Hickman zijn ook op Dungeons & Dragons gebaseerd. Maar dat is niet speciaal een overweging geweest. Het is zelfs een vaak voorkomende valkuil: beginnende schrijvers willen nog wel eens een RPG campagne, compleet met inside jokes, uitschrijven en als verhaal indienen. Dat werkt vrijwel nooit. Kennelijk is Feist een uitzondering.

Omgekeerd is dit boek natuurlijk uitermate geschikt voor het construeren van een goede gamewereld of het opzetten van een fantastische comic.

Advertentie

Tags: 

Ivo